u bent hier: home > verzekeringen > pensioen en leven > pensioen dga (2006)
Weer ingrijpende maatregelen voor het pensioen van de directeur groot-aandeelhouder!
De inkt van de gewijzigde pensioentoezegging van de dga is net droog, maar door overheidsingrijpen zal de pensioentoezegging wederom op korte termijn ingrijpend moeten worden veranderd. En weer betekent dat voor veel dga’s een versobering van de pensioentoezegging. Hierna volgt aantal aandachtspunten voor de dga om tijdig en adequaat op de nieuwe wetswijzigingen te reageren.
Dga’s, geboren vóór 1 januari 1950
Voor dga’s die geboren zijn vóór 1 januari 1950 en die op 31 december 2004 al een pensioentoezegging hadden verandert er niets. Zij kunnen gewoon volgens plan met pensioen gaan op de leeftijd die zij in de pensioenbrief hebben opgenomen. Meestal is dat op 60-jarige leeftijd. Overigens kunnen zij vanaf 1 januari 2006 ook gebruik gaan maken van de levensloopregeling. Daarover volgt meer in de laatste twee paragrafen van dit artikel.
Dga’s geboren ná 1 januari 1950
Dga’s die na 1 januari 1950 zijn geboren en die op 31 december 2004 al een pensioentoezegging hadden, zullen deze vrijwel altijd moeten aanpassen met ingang van 1 januari 2006. Vanaf die datum is het voor hen fiscaal niet meer toegestaan een pensioentoezegging uit te voeren met daarin een ouderdomspensioen dat ingaat op 60-jarige leeftijd met een ambitieniveau van 70% van het laatstgenoten salaris. Ook mogen zij vanaf dat moment geen tijdelijk overbruggingspensioen meer opbouwen voor de periode tussen de 60-jarige en de 65-jarige leeftijd. Fiscaal is het dan alleen nog toegestaan een pensioen op te bouwen dat 70% bedraagt van het laatstgenoten salaris en dat ingaat op 65-jarige leeftijd. Concreet betekent dit voor de dga dat zijn maximaal haalbare pensioen wordt verlaagd. Hij zal daarom minder kapitaal in eigen beheer kunnen opbouwen, lagere pensioendotaties ten laste van de winst kunnen brengen en lagere premies gaan betalen voor een eventueel extern verzekerd pensioen. Want weliswaar mag de omvang van de pensioenuitkeringen op 65 jarige leeftijd nog wel hetzelfde zijn als de uitkeringen die nu nog op 60 jaar mogen ingaan, maar de spaarperiode voor dit pensioen wordt verlengd met 5 jaar, terwijl de uitkeringen 5 jaar minder lang hoeven te worden uitgekeerd.
De nieuwe regels betekenen overigens niet dat een dga niet meer mag stoppen met werken voor zijn 65ste. Maar ze betekenen wel, dat het pensioen dat dan ingaat, lager is dan 70% van het laatstgenoten salaris.
Het is voor deze categorie dga’s belangrijk, dat aanpassing van de pensioentoezegging op tijd gebeurt en dus vóór 1 januari 2006. Is de dga te laat met aanpassen, dan wordt de pensioentoezegging niet langer helemaal fiscaal gefacilieerd en is in ieder geval het gedeelte van het pensioen dat ziet op een pensioenleeftijd van 60 en op een tijdelijk overbruggingspensioen direct belast.
Mogelijkheden om achteruitgang in de pensioenregeling te compenseren
De dga heeft een aantal mogelijkheden om de achteruitgang van de pensioenregeling te compenseren en toch een goed inkomensniveau te realiseren wanneer hij eerder wil stoppen met werken dan op 65-jarige leeftijd. Zo kan de dga
• in 2005 de huidige pensioentoezegging nog optimaliseren. Alhoewel de pensioentoezegging van veel dga’s al optimaal is, bestaat soms nog ruimte om het pensioen te verbeteren door pensioen in te kopen over jaren waarin de dga nog gewoon werknemer was en minder pensioen opbouwde dan hij nu doet. Het is voor het maximaal te bereiken pensioen gunstiger om die inkoop dan nog in 2005 te realiseren onder de huidige fiscale maxima.
• bewust omgaan met de omvang van het toegezegde nabestaandenpensioen door het nabestaandenpensioen na pensioendatum te maximaliseren. Het (te hoge) nabestaandenpensioen kan dan worden geruild voor een hoger of eerder ingaand ouderdomspensioen.
• aantonen dat hij een arbeidsverleden heeft van 40 dienstjaren. In dat geval komt hij in aanmerking voor het ’40-deelnemingsjarenpensioen’. Daarmee is het mogelijk om in plaats van op 65-jarige leeftijd, al op 63-jarige leeftijd een pensioen van 70% van het laatstgenoten salaris te bereiken. Dat betekent dus een hoger pensioen en meer kapitaal dat in eigen beheer kan worden opgebouwd.
• mee gaan doen aan een levensloopregeling. Wat dit inhoudt wordt hierna uiteengezet.
• variëren met de hoogte van de pensioenuitkeringen. Door in de jaren voor 65 een hoger ouderdomspensioen tot uitkering te laten komen dan daarna, kan het gemis aan AOW voor 65 worden verzacht. Maar aan de variatie zitten wel fiscale beperkingen die in acht moeten worden genomen!
Voor alle dga’s: afschaffing Reserve Uitgesteld salaris en introductie levensloopregeling
Met ingang van 1 januari 2006 mag een dga niet meer 10% van zijn salaris uitstellen en onderbrengen in een Reserve Uitgestel Salaris (RUS). Maar daarvoor in de plaats is het vanaf 1 januari 2006 wel mogelijk 12% van het bruto salaris te storten op een levenslooprekening of in een levensloopverzekering zonder dat daarover loonheffing hoeft te worden ingehouden. In de toekomst wordt over de onttrekkingen uit de levensloopregeling wel loonheffing ingehouden. Maar als uit de levensloopregeling wordt opgenomen, bestaat ook recht op de levensloopverlofkorting. Dat is een heffingskorting die in mindering komt op de verschuldigde loon- en inkomstenbelasting van € 183 voor ieder jaar dat gespaard is in de levensloopregeling. Dit kan een aanzienlijk fiscaal voordeel opleveren.
Ten opzichte van de RUS bestaat een aantal verschillen:
• Aan dotaties aan de levensloopregeling zit een absoluut maximum van 210% van het laatstgenoten salaris. Dat gold voor de RUS niet.
• Een levensloopregeling mag niet worden uitgevoerd in eigen beheer. Het geld moet worden gestort bij een bank of verzekeraar. Dat gold voor de RUS niet.
• Als een dga al kon meedoen aan een spaarloonregeling dan mag hij dat niet meer als hij ook aan de levensloopregeling wel meedoen. Voor de RUS gold dit niet.
• Bij onttrekkingen aan de levensloopregeling ontstaat recht op een heffingskorting. Dat gold niet voor de RUS.
Het jaarmaximum van 12% geldt niet voor dga’s die op 1 januari 2005 in de leeftijdscategorie 50-55 jaar vielen. Zij kunnen dus meer dan 12% van het laatstgenoten salaris storten in een levensloopregeling. Voor hen blijft wel het absolute maximum gelden van 210%.
De levensloopregeling kan worden gebruikt voor eerder stoppen met werken (bij een inkomen van 70% van het laatstgenoten salaris kan een dga 3 jaar eerder stoppen met werken), maar ook voor andere periodes waarin de dga tijdelijk niet werkt.
Als de levensloopregeling is aangesproken voor perioden van verlof, mag de regeling daarna weer opnieuw worden gevuld tot het absolute maximum van 210% van het laatstgenoten salaris.
Overigens heeft deelname aan de levensloopregeling geen invloed op omvang van het pensioengevend salaris waarover pensioen mag worden opgebouwd, net zoals dit gold voor dotaties aan de RUS. In de pensioentoezegging zal nog wel moeten worden opgenomen dat bijdragen aan de levensloopregeling onderdeel uitmaken van het pensioengevend salaris en dat eventuele verlofperiodes meetellen als diensttijd.
Levensloopregeling biedt mogelijkheden tot inkomensplanning voor de dga
Dga’s die geboren zijn tussen 1 januari 1950 en 31 december 1954 kunnen hun belastbaar inkomen met behulp van de levensloopregeling onbeperkt terugbrengen tot zelfs nihil. Voor hen geldt immers de jaarlimiet van 12% niet, waardoor in beginsel het gehele jaarsalaris in de levensloopregeling kan worden gestort. Maar ook voor andere groepen dga’s kan de levensloop mogelijkheden bieden voor inkomensmanipulatie.
Daarnaast kan de levensloopregeling de mogelijkheden verruimen voor verbetering van de pensioentoezegging door het inkopen van diensttijd van de dga bij vorige dienstverbanden waarin geen of minder pensioen is opgebouwd dan mogelijk ten opzichte van de huidige pensioentoezegging.
Kortom de levensloopregeling kan voor de dga een waardevol instrument zijn in het kader van de inkomensplanning en de pensioenambities van de dga.
Ingewikkeld? Nee hoor, wij informeren u graag over de gevolgen die de gewijzigde wetgeving voor u heeft en welke maatregelen u kunt treffen om uw pensioenwensen in te vullen.
Vragen?
Bel SuperGarant Pensioendesk: 070-3204680. Herman de Schipper helpt u graag verder.
| Artikel: | Wijzigingen Pensioen DGA |
| Tijdschrift: | VakcentrumNieuws |
| Uitgave: | November 2005 |
| Redacteur: | Pensioendesk |
